Instructies voor iemand die niet kan slapen

Twee uur 's nachts, klaarwakker. Een berichtje naar een vriend die drie straten verderop woont. "Wil je dat ik je iets geef om aan te denken?" En wat begint als verveling wordt een stem die je rustig, stap voor stap, door de nacht leidt.

Instructies voor iemand die niet kan slapen begint om 02:17 's nachts: klaarwakker, verveeld, een telefoon die warm aanvoelt in het donker. Eén berichtje naar Lars, een vriend die drie straten verderop woont, en wat onschuldig begint verandert in iets anders. "Wil je dat ik je iets geef om aan te denken?"

Dit Nederlandstalige begeleide luisterverhaal draait om overgave en de spanning van een rustige, sturende stem die je stap voor stap meeneemt. Geen haast, alleen de tikkende radiator, de stilte van de nacht en iemand die precies weet wat hij zegt. Zet je koptelefoon op, doe het licht uit en laat je leiden.

Instructies voor iemand die niet kan slapen
0:00 / 13:13

02:17 uur. Het plafond is nog steeds hetzelfde als toen ik hier kwam wonen. Diezelfde watervlek

boven de radiator, zonder duidelijke vorm. Mijn telefoon voelt warm aan in mijn hand.

Buiten rijdt een tram voorbij. Dan is het weer stil. Ik open de chat voordat ik dat van plan was.

„Ben wakker. Verveel me dood." Dertig seconden. Ik tel ze. „Wil je dat ik je iets geef om aan te denken?"

Het scherm verlicht mijn knokkels. Ik lig bovenop de dekens,

alleen in mijn boxershort, terwijl de radiator in de hoek tikt.

Lars woont drie straten verderop. Ik ken zijn flatgebouw. Vierde verdieping,

die met de fiets op het balkon. Ik zou moeten vragen wat hij bedoelt. Ik typ ja en druk op

verzenden voordat ik doorheb waar ik mee instem. Lars en ik zijn al vrienden sinds de eerste week

van de uni. Hij vertelde me dat hij bi was ergens rond de tweede maand, onder het genot van slechte

koffie in de bibliotheek. Heel nuchter. Alsof hij me vertelde wat hij wilde drinken. Ik herinner

me dat ik te hard knikte, in een poging om er niet van onder de indruk te lijken. Ik denk soms aan mannen.

Niet soms. Meer dan soms. Ik heb er nooit iets aan gedaan. „Goed. Leg de telefoon naast je

hoofd. Blijf op je rug liggen." Ik lees het twee keer. Mijn duim zweeft boven het scherm. Dan

verschuif ik het kussen en leg ik de telefoon naast mijn oor, met het scherm naar boven,

en wacht ik. Het volgende bericht duurt veertig seconden. „Ligt het lekker?" De radiator klikt.

Ergens buiten staat een auto stationair te draaien, en rijdt dan weer weg. „Ja." „Goed. Houd je armen

voorlopig langs je lichaam." Er zit iets bedachtzaams in. Hij haast zich niet. Ik zie hem voor me in

zijn flat. Zo doet hij alles — bewust, een beetje ongehaast, alsof hij al weet hoe het afloopt.

„Heb je het warm?" „Ja." „Haal diep adem. Rustig aan." Dat doe ik. Het plafond. De watervlek. Mijn eigen

hartslag, ergens in mijn keel. „Vertel me eens iets. Als je je iemand voorstelt, wat valt je dan

als eerste op?" Ik staar lang naar de vraag. „Handen." „Waarom maakt dat uit?" „Dat doet het niet. Ik wilde

het gewoon weten. De mijne liggen nu op mijn dijen. Gewoon zodat je het weet." Mijn maag doet

iets. Ik druk de achterkant van mijn hoofd harder in het kussen. „Lars." „Ben je er nog?" „Ja."

De instructies komen in korte berichtjes, elk na een pauze die lang genoeg duurt om me te laten

uitkijken naar de trilling. Het scherm blijft dimmen. Ik tik er steeds op om het weer te activeren. Hij

is specifiek en heeft geen haast. De instructies zijn nog vrij onschuldig — leg je handen op je buik,

voel je ademhaling. Hij gebruikt eenvoudige taal, zonder opsmuk, en op de een of andere manier is

dat erger — of beter — dan ik had verwacht. Op een gegeven moment stop ik met naar mijn scherm kijken

en wacht ik gewoon op het volgende bericht. „Goed. Dit is wat ik wil dat je nu doet. Pak de olie uit

je nachtkastje. Doe een paar druppels in je handpalm. Wrijf beide handen warm. Zeg me wanneer

je klaar bent." Ik staar naar het scherm. Dan open ik het laatje. De fles is er nog van de vorige keer.

Ik doe wat hij zegt. De olie is koel. De geur maakt me op één of andere manier altijd direct

een beetje geil. Waarschijnlijk door de herinneringen aan de vorige keren dat ik

het gebruikte. Ik maak de olie warm in mijn handen. „Klaar." „Goed. Begin bij je sleutelbeen.

Beweeg langzaam naar beneden. Voel hoe je huid reageert. Niet lager dan je navel. Stop daar."

Mijn handen bewegen. Het is een simpele handeling — ik raak mezelf aan, dat doe ik altijd — maar dit

voelt anders. Langzamer. Ik merk dingen op die ik normaal niet merk. De holte tussen mijn ribben.

Hoe mijn buik omhoog komt als ik inadem. Bij mijn navel stop ik. Ik weet niet precies wat er in mijn

„Leg één hand plat op jezelf, van buitenaf. Geen beweging. Alleen druk. Voel het kloppen.

Wacht op mijn bericht." Ik doe het. Het kloppen is er. Ik had niet verwacht dat zo duidelijk te voelen.

De telefoon zwijgt. Dertig seconden. Een minuut. Het scherm dimt. Ik laat mijn hand liggen en wacht.

Het is het enige wat ik doe — wachten en voelen — en op de een of andere manier is dat

genoeg om mijn ademhaling te veranderen. Lars. Ik typ het niet. Ik denk het alleen.

De trilling komt. „Pak met je linkerhand je balzak vast en met je rechterhand je pik. Beweeg je hand

drie keer heel langzaam op en neer en trek je voorhuid naar achteren. Drie keer, niet meer. Stop

dan volledig. Handen naast je lichaam. Adem." Drie keer. Dat is alles wat hij me geeft en het is te

weinig en precies genoeg. Bij de derde beweging voel ik iets opbouwen en dan is het voorbij —

mijn handen liggen naast me, onaangeraakt, en mijn lichaam vraagt iets wat ik niet mag geven. Ik

wist niet dat ik hier zo opgewonden van zou raken. Ik lig stil en adem en denk aan Lars

drie straten verderop die dit allemaal bewust zo heeft opgezet. Ik vind dat prettig.

Dat hij dat gedaan heeft. „Begin opnieuw. Nog langzamer dan de vorige keer. Mijn tempo,

niet het jouwe. Met je linkerhand speel je met je ballen en met je rechterhand trek je heel

langzaam aan je harde lul. Heel langzaam. Stop zodra je het voelt opbouwen. Zeg het tegen me."

Langzamer dan de vorige keer blijkt bijna ondraaglijk. Ik houd me eraan. Ik weet niet waarom —

hij kan me niet zien, hij weet het niet als ik vals speel. Maar ik doe het toch. Zijn tempo,

niet het mijne. Het opbouwen begint eerder dan ik had verwacht. Ik stop. „Nu." „Goed. Handen weg.

Handen weg." Vijftien seconden. Niets. „Voel hoe je lichaam vraagt. Geef er niet aan toe." Vijftien

seconden is lang. Ik tel ze. Mijn lichaam vraagt inderdaad. Het is geen subtiel vragen. Mijn keiharde

pik maakt schokkerige bewegingen in de lucht, zoekend naar iets wat er niet is. Ik staar naar

het plafond en de watervlek en ik denk aan zijn handen op zijn eigen dijen, drie straten verderop,

en ik vraag me af of hij ook wacht. Veertien. Vijftien. Ik raak mezelf niet aan. Dit is het

geilst wat ik in tijden heb meegemaakt en er is niemand in de kamer. „Begin met je duim. Uitsluitend

zachtjes op je eikel. Kleine cirkels. Niet verder. Stop wanneer ik het zeg." Kleine cirkels. Ik doe het

en het is bijna te veel en tegelijk te weinig. „Ik wil dat je nu je duim proeft." Hij wist het en

hij had gelijk. Mijn duim was helemaal nat en glibberig van het voorvocht. Ik had het eigenlijk

nog niet eerder bewust geproefd, maar het smaakte zo heerlijk en maakte mij zo ontzettend geil. Ik

kon me haast niet meer bedwingen en wachtte op het bericht dat me liet stoppen. Mijn telefoon trilt.

Een spraakbericht. Die had hij nog niet eerder gestuurd. Ik hield de telefoon dichter bij

mijn oor. „Ik wil dat je met je ballen speelt en jezelf aftrekt in je eigen tempo, zoals je dat

altijd doet. Je hebt toestemming om te spuiten." Dat laatste had hij niet eens hoeven zeggen. Al

toen ik ineens zijn geile stem onverwacht zo dicht bij mijn oor hoorde kon ik me niet meer inhouden

en trok een paar keer hard aan mijn lul. Met een enorme kracht door de opgebouwde druk in mijn

onderbuik spoot ik vier, vijf dikke stralen sperma over mijn eigen buik. Godverdomme, dat was intens.

Ik kon me niet herinneren dat ik ooit zo hard was klaargekomen. Zeker niet in mijn eentje.

„Ik ben gekomen." De kamer is donker. De radiator tikt. Ik hoor mijn eigen ademhaling en die van

niemand anders en toch voelt de kamer niet leeg aan. Ik wacht op zijn reactie. De trilling

komt na wat voelt als een eeuwigheid maar waarschijnlijk twee minuten is. Ik pak de

telefoon op met trillende handen. Ik merk dat pas als ik het scherm probeer te ontgrendelen.

„Koffie morgen? Dat tentje in de Witte de Withstraat. Tien uur." „Echt bedankt, Lars. Het

was echt heerlijk. Morgen koffie, ja graag." Ik veeg mijn hand af aan de binnenkant van mijn shirt.

Ik leg de telefoon met het scherm naar beneden op het matras en staar in het donker.

Buiten is de stad stil op de manier die alleen bestaat na drieën. Een fles ergens. Een deur.

Ik slaap nog een uur niet. Niet omdat ik onrustig ben. Gewoon omdat ik er nog ben —

in mijn lichaam, in de kamer, in het heerlijke moment wat we, op één of andere manier,

samen hadden beleefd. De radiator tikt. De tram komt en gaat.

's Ochtends douche ik, trek het grijze shirt aan en loop drie straten door de kou. Lars is er al als

ik aankom, twee kopjes koffie op tafel, iets aan het lezen op zijn telefoon. Hij kijkt op. „Je ziet

er moe uit." „Ik heb prima geslapen." En ik ga zitten. Hij reikt me de koffie aan. Onze vingers

glijden vlak langs elkaar en raken elkaar lichtjes. Direct voel ik weer diezelfde tinteling in mijn buik.

„Vanavond weer?"

Meer begeleide luisterverhalen om je over te geven

Hield je van de ingehouden spanning en de begeleidende toon van Instructies voor iemand die niet kan slapen? Op Oorgas.me vind je meer Nederlandstalige erotische luisterverhalen waarin een zachte stem de leiding neemt en je rustig door elk moment heen praat.

Ontdek meer begeleide luisterverhalen en andere categorieën vol spanning, intimiteit en verlangen. Alles gratis te beluisteren, ingesproken om je echt mee te nemen.

Jasmijn

Jasmijn is mede-oprichter van Oorgas.me, dat ze samen met haar vriend startte. Ze schrijft verhalen die blijven hangen. Ze gelooft dat erotiek het mooist is als ze niet probeert te schoppen, maar te fluisteren.